Home
  Nieuws
  Foto's
  Producten
  Publicaties
  Links
  FAQ
  E-mail ons
  Contact
   

 
Zoeken
 
   
 
   
 

 
   Informatiepagina's  
   Het houden van papegaaien en parkieten  
     
 

Het houden van papegaaien en parkieten

 

 

Papegaaien en parkieten worden al vele eeuwen in gevangenschap als gezelschapsvogels gehouden. Het houden van papegaaiachtigen is alleen verantwoord als de vogels een goede huisvesting, voeding en verzorging krijgen.

De kennis over de voeding van vogels is de laatste twintig jaar sterk toegenomen.

Het gaat bij voeding niet alleen om de vraag hoe de vogel in leven gehouden kan worden. Het gaat er om dat de vogel in een optimale conditie en zonder voedingsfouten oud kan worden.

Zoals bekend kunnen papegaaiachtigen onder gunstige omstandigheden hoge leeftijden bereiken. Verbeteringen in de voeding hebben de afgelopen twintig jaar geresulteerd in het succesvol kweken, binnen de avicultuur, van vele papegaaiachtigen. Dit is een belangrijke ontwikkeling omdat hierdoor bedreigde soorten behoed kunnen worden voor uitsterven.

 

Helaas krijgen nog altijd veel papegaaiachtigen niet de voeding om zich optimaal te kunnen ontplooien. Voedingsfouten zijn de oorzaak van talloze problemen. Er wordt van uitgegaan dat ongeveer 80% van de problemen bij papegaaiachtigen het gevolg zijn van voedingsfouten.

 

Er zijn veel misverstanden over de juiste voeding voor papegaaiachtigen. Het belangrijkste misverstand is dat zaadmengsels beschouwd kunnen worden als complete voeding. Zaadmengsels hebben vele tekorten ten aanzien van vitaminen, mineralen, aminozuren en sporenelementen. Daarnaast bestaat de kans dat vogels heel selectief eten van het zaadmengsel waardoor er nog meer tekorten optreden. We moeten tevens bedenken dat de herkomst van zaadmengsel niet altijd betrouwbaar is. Zaden komen veelal uit landen waar intensief in de landbouw gewerkt wordt met landbouwgif. Vaak landbouwgif dat in Europa al vele jaren is verboden. Geven we een zaadmengsel aan papegaaiachtigen dan zal ook altijd een goed eivoer, groenten (max. 10%) en fruit (max. 5%) gegeven moeten worden. Groenten en fruit bij voorkeur onbespoten. In de USA worden al vele jaren complete voedingen voor vogels ontwikkeld waarbij zo veel mogelijk aan de voedingseisen wordt voldaan. Daarnaast geven we de vogels ook altijd de nodige versnaperingen en extraatjes.

Deze ontwikkeling op het gebied van de voeding voor vogels is een belangrijke vooruitgang ten aanzien van de gezondheid en het welzijn van vogels. Veel van de problemen kunnen daarmee worden voorkomen. Voor lori’s zijn speciale voedingen ontwikkeld.

Vanuit de Kliniek voor Vogels worden de voedingen van Harrison’s Bird Foods geadviseerd omdat deze voedingen aan de hoogste eisen voldoen. Er zijn al vele jaren goede ervaringen mee opgedaan door gespecialiseerde vogeldierenartsen in de USA.

 

 

Gevolgen van verkeerde voeding

 

·         Ruistoornissen waarbij de vogel niet meer goed door de rui kan komen. De kwaliteit van de nieuwe veren wordt minder en er is geen symmetrische rui.

·         Afwijkende veren waarbij groeistoornissen/armoestrepen zichtbaar zijn en waarbij de veerstructuur en glans ontbreken. We kunnen afwijkende verkleuringen zien zoals het geel worden van groene veren, rode verkleuring in gele veren, bruine/zwarte verkleuring in groene of blauwe veren. Bij Grijze Roodstaarten kunnen we een rosé verkleuring zien in de dekveren of pennen en het ontbreken van de paarse kleur aan de buik. De rode staart wordt veelal oranje net als de rode dekveren van bijvoorbeeld geelvleugelara’s. Witte Kaketoes missen de echte witte kleur en zijn smoezelig grauw en dor.

·         Afwijkende slijmvliezen van de ogen, neusholte, luchtpijp, luchtzakken en traanklier/stuitklier. Vogels kunnen knijpen met de oogleden, niezen met een droge of juist vochtige neus. Uiteindelijk zien we kortademigheid en zelfs ernstige benauwdheidklachten.

·         Afwijkende huid met een droge schilfering en woekeringen. De normale huidstructuur van de voetzolen verdwijnt.

·         Snavelafwijkingen zoals het doorgroeien van de snavelpunt en het ontstaan van een richel in de bovensnavel met afwijkende hoornstructuur. Er moet bij deze afwijking rekening gehouden worden met een leveraandoening.

·         Nagelafwijkingen waarbij de nagels kunnen doorgroeien en een afwijkende hoornkwaliteit hebben. Ook hierbij moet rekening gehouden worden met een leveraandoening.

·         Nierproblemen waardoor de vogel meer gaat drinken en veel waterdunne urine produceert.

·         Stofwisselingsstoornissen waardoor de hersenfunctie gestoord kan zijn. Er kunnen evenwichtstoornissen optreden of toevallen en/of verkrampingen en van de stok vallen.

·         Darmstoornissen, diarree met een grotere gevoeligheid voor infecties.

·         Slechte kweekresultaten. Geen, te weinig of afwijkende eieren. Onbevruchte of afgestorven eieren en minder sterke jongen met een verhoogde kans op stoornissen in de ontwikkeling en sterfte. Skeletafwijkingen/rachitis zien we o.a. bij jonge Grijze Roodstaarten.

·         Aderverkalking op relatief jonge leeftijd.

·         Sterfte van vogels op relatief jonge leeftijd.

 

Door voedingsfouten zijn de vogels kwetsbaarder voor allerlei ziektes en infecties veroorzaakt door bacteriën, virussen en/of schimmels.

De meeste klachten treden pas op na vijf tot tien jaar. De vogels zijn dan vaak al jaren aan het achteruitgaan zonder dat het de eigenaar is opgevallen. Het probleem daarbij is dat vogels altijd zo lang mogelijk willen verbergen dat ze niet goed zijn. Dit is natuurlijk gedrag omdat in de natuur elke vogel met uitwendige ziekteverschijnselen door roofdieren maar ook door soortgenoten wordt belaagd, afgepikt en doodgemaakt. Dit betekent dat als een papegaai/parkiet vrolijk en actief is, dat niet altijd betekent dat de vogel gezond is. Ook is het bij zieke vogels vaak opmerkelijk dat deze juist meer gaan eten. Vooral bij vermagering gaan vogels vaak veel meer eten dan normaal. Goed eten is dus ook niet altijd een teken van een goede gezondheid. Vooral bij problemen die veroorzaakt worden door voedingstekorten gaat de achteruitgang zeer geleidelijk tot de vogel zo verzwakt is dat deze de verschijnselen niet meer kan verbergen. Een achteruitgang kan dan snel verlopen.

Het is dus essentieel de eerste verschijnselen op te merken waarbij de kwaliteit, kleur en glans van de bevedering een goed hulpmiddel is. Ook ruistoornissen zijn een teken dat er “iets” aan de hand is met de algehele conditie van de vogel.

 

 

Hoe vaak moeten we vogels eten geven?

 

Vogels krijgen bij voorkeur twee maal daags eten. Vogels met een krop eten ook in de natuur twee periodes van de dag. ’s Morgens wordt gegeten voor de dag en ’s avonds voor de nacht. Het voerbakje moet tussendoor bij voorkeur leeggegeten zijn. Tussendoor krijgen de vogels versnaperingen en extraatjes.

 

 

Hoeveel voeding moeten we geven?

 

Uitgangspunt is een dagportie. Het dagportie is de hoeveelheid die een vogel per dag wil opeten. Deze hoeveelheid kan variëren afhankelijk van de individuele vogel en van de omstandigheden zoals de omgevingstemperatuur, de hoeveelheid beweging, de rui en de kweek.

Bij meerdere vogels in dezelfde kooi/volière is het verstandig om met gescheiden voerbakjes te werken.

 

Hygiëne

 

Het is belangrijk dat de voer/drinkbakjes dagelijks worden schoongemaakt. Regelmatig ontsmetten van de bakjes is een goede zaak. Bakjes niet met een theedoek droogmaken omdat deze veelal niet schoon is. Dat geldt ook voor een (afwas)borstel.

 

 

Maagkiezel

 

Vogels die in de natuur zaden eten hebben een zachte kliermaag en een harde spiermaag. De spiermaag heeft een sterke spierwand en is in staat om grof materiaal te vermalen tot fijne pap.

Het tweemaal per maand geven van enkele scherpe steentjes maagkiezel lijkt een natuurlijk hulpmiddel voor het functioneren van de spiermaag.

 

 

Grit

 

Vogels met zaden in het dieet moeten de beschikking hebben over grit of sepia om op die manier wat extra calcium te kunnen opnemen. Grit, en dan bij voorkeur oestergrit, is gemalen schelpen. Geen gemengd grit geven met allerlei ongewenste toevoegingen zoals gemalen bloempotten, houtskool enz.

 

 

Versnaperingen en extraatjes

 

Papegaaiachtigen kennen in de natuur een zeer gevarieerde voedingslijst. Papegaaien zijn hoogintelligente dieren die we door middel van versnaperingen en extraatjes kunnen activeren. Eten en eten zoeken is een normaal onderdeel van het gedrag. Tegelijkertijd kunnen we de extraatjes gebruiken om de vogels kleuren, vormen, smaken en namen te leren onderscheiden. Binnen de totale voeding mogen de extraatjes/versnaperingen geen hoofdrol gaan spelen. Maximaal 15-20% van de voeding kan bestaan uit een gevarieerde hoeveelheid versnaperingen. Een extraatje wat door de vogel erg lekker wordt gevonden wordt met mate gegeven om te zorgen dat ook andere versnaperingen worden geaccepteerd.

 

Voorbeelden van versnaperingen/extraatjes:

·         Groenten zoals peterselie, boerenkool, rode of groene peper waarbij de stengel en de zaden voor Kaketoes en Amazones een lekkernij kunnen zijn. Paprika, selderij, spinazie, broccoli, wortel, rode bieten, erwten en bonen in de peul worden graag opgenomen en kunnen gemakkelijk worden ingevroren. Na ontdooien worden ze kort gekookt. Sla bevat qua voeding weinig extra’s en bestaat voor het grootste deel uit water evenals komkommer.

·         Wilde planten zoals paardebloemblad en knoppen, weegbree, vogelmuur, zuring, herderstasje e.a.

·         Allerlei soorten fruit en vruchten kunnen worden gegeven. Altijd in kleine hoeveelheden. Appel, banaan, peer, granaatappel, tomaat, papaja,  mango en kiwi. Vijgen zijn niet alleen een extraatje voor vijgpapegaaien. Druiven zijn ook vaak een lekkernij. Ook een rozijntje is geen probleem. Van avocado is bekend dat deze vergiftigingsproblemen bij vogels kan geven en is dus niet geschikt!!!

Wilde bessen van rozenbottel, rijpe vlierbessen, meidoornbessen en cotoneaster.

·         Maïskolven zijn voor veel vogels een delicatesse. De kolven worden in stukjes gesneden en er worden kleine partjes gegeven. Maïskolven laten zich goed invriezen.

·         Noten (ongezout) mogen met mate gegeven worden. Bijvoorkeur via de Reformwinkel. Voor Ara’s zijn noten essentiële dagelijkse toevoegingen aan de voeding.

·         Een stukje gekookte aardappel is voor sommige vogels een lekkernij, vooral Grijze Roodstaarten en Amazones. Ook een klein stukje knoflook kan als versnapering gegeven worden.

·         Ontbijtvoeding zoals cornflakes kan als extraatje gegeven worden. Ook een droog brokje hondenvoer of kattenvoer mag best een enkele keer gegeven worden.

·         Soms een klein stukje gekookt vlees of vis ( ongezouten en niet gekruid).

·         Een klein stukje jonge kaas of een stukje macaroni e.d.

 

 

Takken

 

Het geven van takken is een belangrijk onderdeel van de verzorging van papegaaiachtigen

Geschikt zijn wilgentakken, onbespoten fruitboomtakken, populier, berk.

Takken zijn een belangrijke bezigheid. De vogels moeten/kunnen dagelijks uren met de snavel bezig zijn. Vooral Kaketoes zijn bekende slopers en deze vogels moeten dan ook in de gelegenheid gesteld worden om hun normale activiteiten te ontplooien.

 

 

Beweging en douchen

 

 

Vogels moeten zo veel mogelijk beweging en afleiding krijgen en moeten dus zo veel mogelijk uit de kooi. Een goede opvoeding is essentieel voor het welzijn van de vogels. Ook moet allerlei speelgoed worden aangeboden waar de vogels mee bezig kunnen zijn. Bij voorkeur

goede kwaliteit en kindervriendelijk materiaal. Kettingen en belletjes zijn uiteindelijk een risico vanwege de kans op een metaal/zinkvergiftiging.

Het is van belang om papegaaiachtige één- tot tweemaal per dag te douchen of met een plantenspuit te sproeien (warm water).

 

 

 

 

Naar buiten, zonlicht, regen

 

Het is belangrijk dat de vogels zo vaak mogelijk naar buiten kunnen. Frisse lucht en zonlicht zijn van groot belang voor de gezondheid en het welzijn. Een regenbuitje op zijn tijd vinden veel vogels een feest.

 

 

Bodembedekking

 

Het veel gebruikte schelpenzand is als bodembedekking niet geschikt. Zand geeft te veel gestof waarbij ook opgedroogde ontlasting gaat meezweven en in het water en in het voerbakje komt. Bovendien wordt het stof ingeademd met nadelige gevolgen voor de luchtwegen voor vogel en mens. Daarnaast kunnen vogels zand gaan eten en dat is zeer ongewenst. Alternatieven zijn een schone bodem ofwel (keukenrol)papier. Eventueel een rooster en daaronder papier. Een ander alternatief is het gebruik van stukjes beukenhout. Nooit zaagsel, houtkrullen of hakselhout vanwege het risico van schimmelinfecties.

 

Het is de verantwoordelijkheid van de eigenaar/kweker van papegaaiachtigen en van (vogel)dierenartsen om het welzijn en de gezondheid van de vogels te waarborgen. Vogels moeten zich lichamelijk en psychisch lekker voelen. Door een goede huisvesting, voeding en verzorging kunnen papegaaien gedurende tientallen jaren een ideale huisgenoot zijn of als kweekvogel veel plezier bezorgen.

 

Het is niet toegestaan om bovenstaande tekst over te nemen, de kopiëren of te publiceren zonder schriftelijke toestemming van de Kliniek voor Vogels te Meppel

 Drs. J. Hooimeijer, vogeldierenarts, Meppel

 
     
   
     
 
© 2014 by